De vrouw ging in juli 2024 met vier kinderen van 6 en 7 jaar oud naar een recreatieplas. Ze had als enige volwassene op dat moment de verantwoordelijkheid over de vier jonge kinderen. Op een gegeven moment liet de vrouw het jongetje en een van de andere kinderen in het water, terwijl zij zelf naar de spullen ging die op een afstand van ongeveer 40 meter daar vandaan lagen om zich om te kleden. Niet veel later was het 6-jarig jongetje verdwenen. Hij werd uiteindelijk gevonden in het water achter de ballenlijn. Het jongetje is naar het ziekenhuis afgevoerd en een aantal dagen later overleden.
Onvoldoende toezicht
De rechtbank oordeelt dat de vrouw toezicht had moeten houden op het aan haar zorg en toezicht toevertrouwde jongetje. Doordat zij dit onvoldoende deed is de jongen verdronken. De vrouw handelde aanmerkelijk onvoorzichtig, onoplettend en nalatig.
Dat zij bij een recreatieplas - met troebel water en een onvoorspelbare bodem - waren maakt dat extra voorzichtigheid en oplettendheid van de vrouw mocht worden verwacht. Volgens de rechtbank wist ze dat het jongetje geen zwemdiploma had en niet kon zwemmen. Toch deed zij hem geen zwembandjes om of een zwemvest aan. Het is algemeen bekend dat kinderen zonder zwemdiploma zwembandjes of een zwemvest nodig hebben en dat zelfs met zwembandjes gevaar voor verdrinking bestaat.
Geen verantwoordelijkheid
Het staat voor de rechtbank vast dat de vrouw wist dat het jongetje geen zwemdiploma had en daarom zwembandjes of een zwemvest nodig had. Door haar verklaringen te wijzigen en in strijd met de overige bewijsmiddelen uit het dossier te verklaren, neemt de vrouw volgens de rechtbank geen verantwoordelijkheid voor haar aandeel in de dood van het jongetje.
De vrouw heeft geen in dit kader relevant strafblad. Onder meer naar aanleiding van het overlijden van het jongetje kende de vrouw een mentaal zware periode en voerde zij gesprekken met een psycholoog. De rechtbank begrijpt dat ook zij het zeer tragische overlijden van het jongetje niet wilde.
Groot verdriet
Met het overlijden van het 6-jarige jongetje is de nabestaanden onherstelbaar leed toegebracht, zoals zijn moeder indringend tot uitdrukking bracht in haar slachtofferverklaring. Het verdriet van de nabestaanden is invoelbaar en groot. De rechtbank realiseert zich dat geen enkele straf recht zal doen aan het gemis dat de ouders, familie en andere nabestaanden hun leven lang nog zullen ervaren.
Andere straf dan eis
De taakstraf die de rechtbank oplegt is lager dan de officier van justitie eiste. De rechtbank kijkt voor het bepalen van de straf naar uitspraken in vergelijkbare zaken. In die zaken wordt een lagere werkstraf opgelegd, maar de proceshouding van de vrouw en de ernst van de gevolgen rechtvaardigen volgens de rechtbank deze straf.
Schadevergoeding
Tot slot moet de vrouw aan de vader en moeder van het jongetje allebei 20 duizend euro schadevergoeding betalen.

13.8 ℃



































